Da emmen w'oek weial gat
Wat twee oude mannen in de buurtsuper me leerden over ondernemen.
Zaterdagochtend liep ik gehaast de buurtsupermarkt binnen. Snel even iets oppikken tussen mijn dochter afzetten op haar wedstrijd — net op tijd voor de opwarming — en weer terugrijden om te supporteren. Een typische zaterdag — je kent dat wel. Mijn mindset: maximaal efficiënt, één oog op de klok, kassa al voor ogen. Op mijn pad stonden twee oude mannen, ergens tussen de 75 en 80. Ze stonden midden in het gangpad te babbelen, schouder aan schouder, alsof de tijd geen rol speelde.
Ik ergerde me. Niet luid, maar wel duidelijk. Allez mannen, een beetje opschuiven? In mijn hoofd telde ik al de minuten af tot het startschot. Eerst dit afvinken, dan auto in, dan terug naar het veld. En hier stond ik, geblokkeerd door twee senioren en een rek met confituur.
Toen ik er eindelijk voorbij kon, hoorde ik de ene tegen de andere zeggen, in het beste Affligems dialect:
“Da kunnen ze ons nemei afpakken. Da emmen w'oek weial gat.”
Dat kunnen ze ons niet meer afpakken. Dat hebben we al gehad.
Ik bleef even stilstaan bij de diepvries. Niet omdat ik iets nodig had, maar omdat die zin binnenkwam.
De kracht van perspectief
Hier liep ik, een gezonde veertiger, te stressen over een paar minuten die over twee weken niemand zich nog herinnert. En naast me stonden twee mannen die letterlijk in het cadeau van de dag zelf stonden. Geen ergernis. Geen haast. Geen lijstje. Gewoon: samen, in een gangpad, in een buurtwinkel, op een zaterdagochtend.
Zij hadden iets dat ik op dat moment kwijt was: perspectief.
Mindset-shift in ondernemen
Als zelfstandige consultant draait veel rond vooruit kijken. Volgende deadline. Volgende offerte. Volgende klant. Volgende kwartaal. We meten succes vaak in wat er nog moet komen, zelden in wat er al ís.
Maar de mannen in dat gangpad legden de vinger op iets fundamenteels: de waarde van wat je al hebt opgebouwd, kan niemand je nog afpakken.
De projecten die je succesvol afrondde. De relaties met klanten die jaren meegaan. De expertise die je in de loop van duizenden uren hebt opgebouwd. De keren dat je een team door een lastige fase loodste. Dat is gat. Dat is gehad. Dat staat in de boeken van je leven, niet in een Excel-rapport.
De klik
Ik maakte die ochtend bewust de klik in mijn hoofd. Ik vertraagde mijn pas richting de kassa. Ik glimlachte naar de caissière in plaats van mijn kaart al klaar te houden. Ik kwam tien minuten later aan bij het sportveld, en de wedstrijd was nog niet eens gestart. Mijn dochter zwaaide alsof er niks aan de hand was.
Sindsdien probeer ik er een gewoonte van te maken. Aan het einde van een werkweek — én aan het einde van een gewone zaterdag — niet alleen kijken naar wat openstaat, maar ook naar wat ik al gehad heb. Een gewonnen pitch. Een tevreden klant. Een probleem opgelost. Een team verder geholpen. Een wedstrijd waar ik er gewoon bij was.
Niet uit zelfgenoegzaamheid — er blijft genoeg te doen. Maar omdat het de basis is waarop je rustiger en scherper de volgende stap zet.
Bedankt, mannen
Ik weet niet wie die twee waren. Misschien zie ik ze nooit meer. Maar zonder het te beseffen gaven ze me een van de bruikbaarste managementlessen van het jaar — en die kostte me geen seminarie, geen boek, geen coaching.
Alleen een moment van geduld dat ik bijna niet had genomen.
Da emmen w'oek weial gat.
En dat is goud waard.

